top of page

Kan vezelrijk voer abnormale orale gedragingen verminderen?

Eten is een eerste levensbehoefte. Bij paarden komt daar nog bij dat ze erop gebouwd zijn om nagenoeg continu vezelrijk, energiearm voedsel te eten. Als niet aan de voedingsbehoefte van een paard is voldaan zorgt dit voor slechter welzijn. Een paard met slecht welzijn kan dat uiten in abnormaal gedrag: door te kribbebijten of luchtzuigen bijvoorbeeld.

In dit onderzoek wilden de onderzoekers antwoord op de vraag: zorgt meer vezelrijk voer voor een vermindering van abnormaal gedrag?


Het ontstaan van abnormale orale gedragingen

Voskleurig paard staat bij berg hooi en kijkt naar de camera

Van nature zijn paarden meer dan de helft van de dag bezig met eten. Ze eten dan met name vezelrijke planten, waar weinig energie in zit. Gehouden paarden krijgen vaak slechts een paar uur per dag voer, wat vaak ook nog energierijk en vezelarm is. Niet alleen de samenstelling van dit voer is anders, het zorgt er ook voor dat paarden het snel op hebben. Hierdoor kunnen ze hun natuurlijke drang tot kauwen en eten niet goed uiten. In sommige gevallen leidt dit tot de ontwikkeling van abnormale orale gedragingen. Nu kan abnormaal gedrag ook door andere redenen ontstaan, bijvoorbeeld door stress door te weinig sociaal contact of te weinig vrije beweging.

Dan komt de vraag boven: is het mogelijk om abnormaal oraal gedrag te verminderen alleen door een paard meer vezelrijk voer te geven?


 

Goed om te weten: Abnormale orale gedragingen

Dit is de term voor afwijkend gedrag met de mond. Je kunt dit in verschillende categorieën verdelen. In dit onderzoek keken ze naar:

  • stereotiepe gedragingen: dit is als een paard hetzelfde gedrag continu herhaald, terwijl dat geen functie heeft. Voorbeelden hiervan zijn obsessief likken of luchtzuigen.

  • 'omgeleid' gedrag: dit is een normaal gedrag, maar gericht op de verkeerde stimulus. Dit zien we bijvoorbeeld bij paarden die zaagsel eten.

 

Het onderzoek

Ingezoomde paardenmond met hooi

Voor dit onderzoek is gekeken naar 12 paarden, in de leeftijd van 7 tot 19 jaar. Alle paarden stonden in individuele boxen en werden vijf keer per dag gevoerd:

  • sportbrok en tarwekaf om 6.00, 12.00 en 17.30u

  • twee keer luzernehooi om 21.00u en middernacht.

Alle paarden in het onderzoek lieten minstens één vorm van abnormale orale gedragingen zien. De onderzoekers verdeelden de paarden in twee groepen aan de hand van het gedrag dat ze lieten zien:

  1. een groep die slechts 1 type abnormaal gedrag lieten zien: de controlegroep;

  2. een groep die meer dan 1 type abnormaal gedrag lieten zien: de experimentele groep.


De paarden kregen daarna 30 dagen lang het volgende te eten:

  • de controlegroep kreeg het normale dieet: laag in vezels, hoog in energie.

  • de experimentele groep kreeg een dieet van 15 g droge stof per kilogram lichaamsgewicht, volgens de laatste wetenschappelijke adviezen. Dit betekende dat ze minder brok kregen dan de controle groep en extra Timothy hooi om 6.00, 12.00 en 17.30u. Dit dieet was dus hoog in ruwvoer en daardoor in vezels.


Wat is het effect op welzijn?

Om te kunnen beoordelen wat het effect op de paarden was van meer vezels in het dieet, deden de onderzoekers verschillende metingen.

Allereerst het gewicht: alle paarden werden voor en na de 30 dagen gewogen.

Daarnaast keken ze natuurlijk naar het gedrag van de paarden. Lieten de paarden meer of minder abnormale orale gedragingen zien?

Tot slot werd aan het begin en eind van het onderzoek bloed afgenomen. Aan het bloed kun je verschillende metingen doen die iets zeggen over de gezondheid van een paard. Voor dit onderzoek keken ze naar het volgende:

  • de hoeveelheid ghreline en leptine. Dit zijn twee hormonen die te maken hebben met eten. Ghreline zorgt er onder andere voor dat een paard op zoek gaat naar eten, het is betrokken bij het hongergevoel. Het hormoon leptine is hiervan de tegenhanger: het zorgt ervoor dat het paard een verzadigd gevoel krijgt. Zonder leptine zou een paard eindeloos door kunnen eten.

  • de lengte van de telomeren. Telomeren vinden we aan het eind van chromosomen. Nu wordt het even ingewikkelder: alle eigenschappen van een individu (of dit nu een paard of een mens is) zijn gevat in genen. Deze genen vormen samen je DNA. Ieder gen heeft de code voor een bepaald kenmerk, bijvoorbeeld welke kleur ogen je hebt. Deze genen vind je op de zogenaamde chromosomen. Bijna ieder cel in een lichaam bevat zulke chromosomen. De telomeren zitten aan het eind van de chromosomen en beschermen deze. Als de telomeren beschadigen of korter worden, heeft dit dus ook gevolgen voor de gezondheid van dat individu.


Hoger lichaamsgewicht en minder abnormaal gedrag met vezelrijk voer

Een eerste opvallend resultaat is dat de paarden die het experimentele dieet kregen na 30 dagen gemiddeld 5% zwaarder waren. De precieze oorzaak hiervan is moeilijk vast te stellen, maar het kan zou bijvoorbeeld kunnen komen doordat de paarden meer aten of mogelijk minder stress hadden.


Veulen eet hooi
Voldoende vezelrijk voert zorgt voor minder abnormaal gedrag, ook bij paarden die dat gedrag eerst wel lieten zien.

Het effect van het vezelrijke voer op het gedrag van de paarden was het opvallendst. Al na 30 dagen besteedden ze dagelijks 70 tot 86% minder tijd aan stereotiepe en omgeleide gedragingen. Ze lieten ook überhaupt minder stereotiepe gedragingen zien en aten minder vaak van de bodembedekking dan de paarden in de controlegroep.

De paarden die het vezelrijke dieet kregen aten zelfs helemaal niet meer van hun eigen mest, wat de andere paarden soms wel deden.

Deze resultaten zijn zo bijzonder omdat de experimentele groep het dus beter ging doen dan de controlegroep. En dat terwijl de paarden in de controlegroep al maar weinig abnormaal gedrag lieten zien.


Ook bij de hoeveelheid ghreline en leptine zagen de onderzoekers duidelijk verschil. Aan het begin van het onderzoek hadden de paarden in de controlegroep minder ghreline in hun bloed dan de paarden in de experimentele groep. De paarden in de controlegroep hadden dus blijkbaar minder hongergevoel nodig dan de paarden in de experimentele groep.

Na de 30 dagen hadden de paarden in de experimentele groep minder ghreline (zo'n 22%) en meer leptine (zo'n 16%) in hun bloed dan aan het begin van de 30 dagen. Dit betekent dat er minder drang naar eten was (want minder ghreline) en een groter gevoel van verzadigheid (want meer leptine).


Aan de telomeren zagen de onderzoekers geen verschil.


Dieet aanpassen zorgt voor minder abnormale gedragingen

Het blijkt uit dit onderzoek dat het mogelijk is om abnormale orale gedragingen te verminderen door het dieet van een paard aan te passen. Nog goed om te weten is dat het in dit onderzoek ging om politiepaarden. Deze dieren hadden vaak lange werkdagen. Uit eerdere onderzoeken is gebleken dat politiepaarden en bijvoorbeeld ook endurance paarden een groter risico hebben op het ontwikkelen van abnormale gedragingen. Waarschijnlijk doordat ze meer uur achter elkaar moeten werken (en dus niet eten) en omdat ze vaak energierijker voer krijgen (om het werk aan te kunnen).


Toch kan het voeren van meer en vezelrijk voer ook bij een paard met hoog risico op abnormale orale gedragingen al voor grote verbeteringen zorgen. Het grotere gevoel van verzadiging en minder neiging tot foerageren zorgt ervoor dat de abnormale gedragingen verminderen of zelfs helemaal verdwijnen.


Daarnaast heeft het ook een positief effect op het lichaamsgewicht van een paard.


 

Van wetenschap naar de praktijk

Zwart paard eet uit hooinet
Zorg dat paarden altijd voldoende (het liefst onbeperkt) vezelrijk ruwvoer kunnen eten.

Wat betekenen deze resultaten nu voor de dagelijkse praktijk?

Dit onderzoek is weer een onderzoek dat laat zien hoe belangrijk het is dat paarden het grootste deel van dag toegang hebben tot vezelrijk voer. Niet alleen voor de voedingswaarde, maar ook om aan hun drang tot eten te kunnen voldoen.

Ook bij paarden die moeite hebben met op gewicht blijven is het belangrijk om goed naar het voerschema te krijgen. Onbeperkt ruwvoer van goede kwaliteit kan bijdragen aan een gezonder gewicht.


Kijk dus altijd kritisch naar het voerschema van een paard:

  • krijgt het paard voldoende ruwvoer van goede kwaliteit?

  • staat het paard zelden zonder voer (sowieso niet langer dan 4 aaneengesloten uren)?



Bron: Farah Hanis, Eric Lim Teik Chung, Mamat Hamidi Kamalludin, Zulkifli Idrus, Effect of feed modification on the behavior, blood profile, and telomere in horses exhibiting abnormal oral behaviors, Journal of Veterinary Behavior, Volume 60, 2023, Pages 28-36, ISSN 1558-7878




Vond je dit blog interessant? Door het te delen help je ons om deze kennis naar nog meer mensen te verspreiden.

7 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Commentaires


bottom of page